De aandacht verdelen is de enige manier om een echt succesvol bedrijf op te bouwen. Heel veel mensen richten zich alleen maar op het platform dat het meeste bereik heeft en negeren de rest. Mensen maken deze fout de hele tijd. Hoeveel artiesten en bands op MySpace hebben Facebook genegeerd en verdwenen toen MySpace niet meer relevant was? Hoeveel Vine-sterren hebben niet dat platform gedomineerd, maar “fell off” toen de aandacht verschoof? Hoeveel influencers met veel Instagram-volgers zullen onbeduidend worden als de aandacht voor Instagram verslapt? Ik verzeker je dat dat ooit zal gebeuren.
Dat is waarom ik zo veel praat over het proberen en het verkennen van andere platforms. Daarom zit ik op vrijwel elk platform – Snapchat, YouTube, Twitter, Facebook, Instagram, LinkedIn, Podcasts, het geschreven woord (mijn blog) en nog veel meer. Dat is ook de reden waarom ik in een wereld waarin zoveel influencers opkomen en weer verdwijnen overal veel volgers heb gekregen en opgebouwd. In dit artikel ga ik een concept verwoorden dat ik de “79/21-regel” noem om een sterk succesvol bedrijf op de lange termijn op te bouwen door niet alles op één paard te wedden.

ALS JE JE SOCIALE MEDIA STRATEGIE NIET VERSPREIDT, BEN JE KWETSBAAR

 

Allereerst is zelfs het bereiken van een punt waarop je veel betrokken volgers hebt opgebouwd al super moeilijk – dus ik ben opgetogen als je daar al bent.

Maar ik maak me ook zorgen daarover.

Ik maak me eerlijk gezegd meer zorgen over degenen, die beginnen te winnen op platforms zoals LinkedIn of Instagram, want dan beginnen ze zelfgenoegzaam te worden. Ze beginnen “wat lijkt te werken” op een voetstuk te plaatsen en beginnen het te romantiseren – net zoals grotere bedrijven billboards of televisiereclames op een voetstuk plaatsen, hoewel ze niet meer zo goed werken.

 

Het gebeurt tegenwoordig met mensen die winst boeken met AdWords en de optimalisatie van bestemmingspagina’s (terwijl de wereld mobieler en merkgerichter wordt). Het gebeurde met MySpace-sterren. En het zal ook gebeuren met Instagram influencers.
Het is de aard van het beestje.
De meeste mensen met een social media netwerk besteden 100% van hun tijd aan het populairste platform en doen dat ook maar voor ongeveer 70%.
Ik besteed ongeveer 80% van mijn tijd aan het populairste platform en doe er alles aan om 20% van mijn tijd een gevoel voor al het andere te krijgen.
Ik noem het de 79/21-regel, gewoon om een beetje anders te zijn.

Dit is de beste verwoording van hoe ik erover denk:

Op dit moment wordt mijn 79-80% besteed aan Instagram omdat deze het populairst is. Ik besteed hier echt de meeste tijd aan.

En ik besteed 20-21% van mijn tijd aan platforms zoals LinkedIn, Snapchat, Tik Tok, YouTube en andere dingen. Binnen die 20% zijn er een aantal platforms, die van mij een hogere prioriteit krijgen – LinkedIn is iets waar ik momenteel heel erg optimistisch over ben, dus ik besteed er veel tijd aan. Tik Tok is ook een platform waar ik erg enthousiast over ben.

De “79/21-regel” gaat over het verdelen van de aandacht. Het gaat niet alleen om social media.
Voordat Facebook en AdWords bestonden, werd mijn “80%” besteed aan e-mailmarketing. Mijn “20%” was afdrukken, radio, direct mail en AdWords.
Toen AdWords echt van start ging, werd dat mijn 80% en mijn e-mail verdween in mijn 20% samen met platforms zoals bijvoorbeeld YouTube, die bekend aan het worden waren.
Toen YouTube populair werd, werd dat mijn 80% en gingen opkomende platforms zoals Twitter op in mijn 20%.
Toen Twitter ontplofte, werd dat mijn 80%.
Zie je wat ik je wil vertellen?

“ALS INSTAGRAM OF LINKEDIN ONBEDUIDEND WORDEN, NEEMT IETS ANDERS HUN PLAATS IN. KAN IK ME NIET ALLEEN FOCUSSEN OP HET NIEUWE PLATFORM DAT ERNA KOMT?”

Je hoeft niet de eerste te zijn die van een platform weggaat, maar het helpt echt.

Ik had al snel een miljoen volgers op Twitter omdat ik één van de meest actieve mensen daar was – dus werd ik opgenomen in de lijst met “suggested users” en veel mensen van Twitter hebben zich toen aangemeld en gingen mij volgen.

Naarmate de aandacht van het belangrijkste platform verslapt, gaat het naar de platforms in jouw “20%”. En degenen die actief zijn op de secundaire platforms, zullen het grootste deel van die aandacht opslurpen.

“MAAR IK HEB EEN BEDRIJF DAT T-SHIRTS VOOR KINDEREN MAAKT. MOET IK OOK ACTIEF ZIJN OP LINKEDIN?”

Ik zou het publiek omgekeerd opbouwen.
Het organische bereik van LinkedIn is op dit moment zo ongelooflijk, dat het mijn topprioriteit binnen mijn “20%” heeft. Het zal over een jaar verdwijnen, maar voordat dat gebeurt, zou het erg slim van je zijn om er wel gebruik van te maken.

Als je T-shirts maakt, wat voor een premium product kun je dan voor zakenmensen maken? Hoe zou je een product kunnen ontwerpen en er content omheen creëren in de context van de bedrijfswereld?

Als ik bijvoorbeeld sneakers verkoop, kan het bericht dat ik op LinkedIn post zoiets zijn als “Hallo, wil je er graag fris uitzien op kantoor?” Op Instagram zou het een totaal andere context hebben.

“INSTAGRAM KOPIËERT EIGENLIJK SNAPCHAT EN HET HEEFT MEER BEREIK. WAAROM MOET IK DAN TOCH OP BEIDE ACTIEF ZIJN?”

Omdat je heel voorzichtig moet zijn als je zegt dat iets “dood” of “irrelevant” is. Mensen zeiden dat Twitter op sterven na dood was, toen het steeds belangrijker begon te worden. Een aantal jaren geleden dachten mensen dat je geen content op LinkedIn kon creëren, toen begon het vorig jaar te veranderen. Toen DJ Khaled die kiekjes van zijn jetski plaatste, begon het proces van Snapchat steeds meer grip te krijgen. Er kan morgen letterlijk weer zo’n nieuw moment zijn of een nieuwe functie die Snapchat uitbrengt en dat zet Snapchat dan weer op de kaart voor Instagram in mijn “80%”.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *